29. Met flinke bobbels op reis in mijn identiteit

Onze kleding kamer is weer uitgemest, opgeruimd en schoon. Resultaat van een ochtend met een flinke huilbui en struggles in mijn hoofd. Om de chaos in mijn hoofd dan weer rustig te krijgen helpt iets opruimen altijd het allerbeste.

Afgelopen maanden zijn hobbelig, it is a bumpy ride. Ik merk dat ik verander en dit doet erg veel in mijn hoofd. Het gaat te snel waardoor ik het niet op een rijtje krijg. Dingen die ik belangrijk vond zijn ineens minder een ding en mijn gedachten draaien op volle toeren over dingen die ik vroeger niet eens zag.

We zijn naar de bios geweest, de film Inside Out 2. Nu was 1 al mijn favoriete dinsney film aller tijden. Deel 2 doet het ook goed en wederom zit ik met dikke tranen in de bios. De film geeft mijn hoofd zo goed weer. Vooral nu. En het is net of er nieuwe emoties en gevoelens in mijn hoofd zijn komen wonen. Dringend om een plekje achter de bestuurs knop.

De laatste weken is echt een gevecht met mezelf. Vermoeiend vooral. En waar komt het door? Tja Hormonen, ouder worden, vrouw zijn….allias de overgang. Wat een verschrikking.

Tenminste, dat schrijf ik vandaag omdat vandaag alles in disbalans schijnt te zijn. Morgen kan het zomaar weer anders zijn. Haha als jullie denken dat pubertijd erg is, vergeet dan vooral de overgang niet.

Ik ben me sinds de IVF behandelingen altijd bewust geweest dat de overgang vroeger zou kunnen beginnen dan bij de gemiddelde vrouw. Ik begrijp dan ook heel goed dat ik soms wat raar aangekeken werd toen ik met 38 opvliegers had. Nee joh, dat kan nog niet! Maar helaas, het kon wel. Haha

Maar de opvliegers of de ontploffingen in mijn lijf aan warmte vond ik niet zo erg als de fase waarin ik nu beland ben.

De Hormoon schommelingen, de snelle Veranderingen van mijn lichaam,  onzekerheden en ongeorganiseerde gedachtes. Het is een dingetje.

Ik weet daardoor niet zo goed meer wie ik ben, wat ik wil en hoe ik het moet doen en dat maakt me mega onzeker. Het is alsof ik mezelf opnieuw moet leren kennen.

‐—————————‐

We zijn nu ondertussen een aantal weken verder en ik begin weer een beetje mijn balans terug te vinden. Ik heb mijn verhaal van hierboven wel van me afgeschreven naar niet gepost. Beetje schaamte misschien? Ik ben per slot van rekening nog maar 40.  Terwijl…waarom? Iedere vrouw krijgt hier op een bepaald moment in meer of mindere maten mee te maken. 

28. Trigger of natuurlijke reactie

Al een week ben ik onrustig. Nu is het ook de tijd van de maand dat mijn hormonen alle kanten op schieten, dus ik weet dat ik dan gevoeliger ben. Misschien hypergevoelig reageer maar ook dat angst in die periode meer zijn best probeert te doen om me te raken.

Veelal kets ik het af, ik weet waar het vandaan komt dus ik kan het pareren. Deze maand gaat dat wat minder goed. Ik heb de aflopen dagen al een aantal keer een “spui” momentje gehad bij manlief. Ook hij merkt mijn onrust en probeert met me te relativeren, me te comforten en me te helpen om terug te gaan naar de rust.

Vanmorgen in de auto ging ik bijna het randje weer over. Na de zoveelste onrustige nacht deze week stap ik vol goede moed in de auto voor een nieuwe werkdag.

Tegenwoordig werk ik in Amsterdam, dat betekent dat ik standaard elke keer de tunnel door moet. De tunnel onder het water door. Een flinke tunnel, vooral als je langzaamrijdend of stilstaand er door heen moet.

En vandaag was zo’n dag, Vanaf de oprit naar de snelweg sta ik stil. En het duurt een half uur om de tunnel door te komen, waar ik normaal binnen 3 minuten de tunnel door ben.

Ik voel al zodra ik stil sta dat ik er niet goed in zit. Voel me super onrustig en hoor nauwelijks dat de Spotify lijst mijn favo worship liedjes draait.

Ik rijd de tunnel in en kom stil te staan. Langzaam komen de angst gedachten de hoek om. Heb je de disney film inside out 2 al gezien. Het oranje poppetje angst draait bij een gebeurtenis het ene na het andere wat als filmpje af. En dit is precies wat er nu bij mij gebeurd.

  • Wat als de tunnel nu instort.
  • Wat als er nu een auto in de fik vliegt in de tunnel
  • Wat als de plafond platen het water niet meer tegen kunnen houden en de tunnel vol gaat lopen.
  • Wat als deze file nooit meer ophoudt en ik hier voor altijd moet blijven staan.
  • Wat als ik hier een paniek aanval krijg.

Sommige wat alsjes klinken te gek voor woorden. Maar het speelt in mijn hoofd af. Langzaam voel ik dat mijn hartslag omhoog gaat, ik voel een tuut in mijn oren opkomen en heb het gevoel dat mijn wereld begint te draaien. Wat als, wat als, wat als, wat als…. en dan ineens hoor ik vanuit het niets de tekst van 1 van mijn favoriete liedjes: in geloof spreek ik de naam van Jezus

En eindelijk voel ik me weer kalmeren. Ik spreek een gebed uit. Tegelijkertijd scheurt er een asociale bestuurder over de vlucht strook en die racet zo de tunnel door. En ineens breekt de grijze wolk in mijn hoofd weer open. Er is altijd een uitweg. Zelfs asociaal over de vluchtstrook.

Het is bizar dat ondanks dat ik niet meer dagelijks met de angststoornis bezig ben, ik toch soms triggers moet pareren. En soms kost het me veel meer moeite dan de andere keer en zit ik op een randje van een paniek aanval. Vind het nog steeds moeilijk om te onderscheiden of iets natuurlijke angst is of dat het met me aan de haal gaat. Maar vandaag was hij duidelijk: de file was een trigger voor onrealistische angst.

Heerlijk begin van de dag 😮‍💨💪

27. Moeder zijn in de moderne tijd. 

Het is al meer dan een jaar geleden dat ik wat geschreven heb. En ik merk dat ik het mis. Het schrijven zorgt er voor dat ik mijn spaghetti brein in hokjes plaats en dat alles rustiger in mijn hoofd wordt. En aangezien het een chaos is is mijn denken momenteel….hoii!! Hier ben ik weer 😃

First things first: hoe gaat het met de angst. Ik mag echt niet klagen, waar ik vroeger op een 9 zat zit ik tegenwoordig tussen de 4 en de 6, laten we het zo zeggen. De maandelijkse hormonale achtbaan veranderd alles in een split second dus ik schommel lekker heen en weer.

Wel heb ik een nieuw aspect van angst leren kennen: zorgen om je kind. Sjonge jonge, het gezegde is kleine kinderen kleine zorgen grotere kinderen grotere zorgen. Nou dat klopt aardig. En het vervelende eraan vind ik dat het onverwerkt verdriet van vroeger omhoog brengt. Dingen waar ik opnieuw mee moet dealen alleen nu uit het perspectief van een moeder.

Dochterlief is nu 10 en ze heeft de eerste 10 jaar van haar leven zorgeloos en onbevangen door gebracht, ze was geliefd, had veel vriendinnen en ze voelde zich geborgen met haar vrienden om haar heen. En dan komt het moment dat de hormonen ook bij de kids beginnen te bewegen. Is dit al met 10 jaar? Ja! Ik schrok er zelf ook van. Maar de: ik ben boos buien veranderen hier in huis langzaam in: ik haat je buiten. Maar hey, we praten veel met elkaar en mama wordt gelukkig nog steeds in vertrouwen genomen. Dochterlief was altijd vrij makkelijk, ze kon boos worden maar ik kreeg haar daar ook altijd wel heel snel weer uit, dus ik geloof dat de boosheid buien het probleem niet zo zullen zijn.

Waar ik echt een lesje in zou kunnen gebruiken is hoe om te gaan met de telefoon en de app groepen en alle gevoelens die daarbij horen. Want man o man wat een struggle is dat. Vanaf het begin af aan kijken we mee in de app groepen. Gewoon omdat we ons er van bewust zijn dat dochterlief moet leren hoe ze in apps reageert en wat Liefdevol overkomt en wat niet. En dochterlief heeft daarin echt wel wat te leren. Maar ze doet het steeds beter. Toch hebben we niet kunnen voorkomen dat ze nu onderwerp is geworden van buitensluiten en pesten via de app. Verschrikkelijk vind ik het. Het verdriet van dochterlief als ze de lelijke appjes leest. En de pijn omdat ze niet mag meespelen.

En daar scheurt de wond weer een stukje open. Die wond die zorgvuldig dicht gelijmd was en voorzien van een dikke laag ducktape. Mijn eigen gevoel van afwijzing, buitensluiting en minderwaardigheid komt weer om de hoek en kijken me recht in het gezicht aan. De gevoelens en gedachtes die me jarenlang niet vreemd waren zijn ineens weer aanwezig.

Maar het gaat niet om mij maar om mijn kleine pulletje. Aan alle kanten probeer ik uiteraard om te focussen op dochterlief, haar te troosten, haar te bemoedigen met woorden en voor haar te bidden. Want hey, over een aantal dagen kan alles weer anders zijn. Gelukkig weet manlief mijn struggle hierin dus ook hij schiet te hulp.

Maar nu is het nacht en ik kan de slaap niet vatten. Dochterlief ligt in bed en ik hoor ook haar zuchten en soms ook huilen. Ik ben al een paar keer bij haar langs geweest. Ik blijf bevestigen dat ze een geliefd kind is. Dat wij altijd van haar houden. Dat ze nooit alleen is omdat Jezus in haar woont en dat alles weer voorbij gaat. Maar ik kan niet voorkomen dat ze verdrietig is. Ik kan niet voorkomen dat die afwijzing die ze nu voelt niet te voelen is.

Ik besef dat het niet een heel vrolijk terug kom bericht is. En het frustreert me ook enorm. Maar ik begrijp pesten gewoon nog altijd niet, weet nog steeds niet hoe ik er op moet reageren en dus ook niet hoe ik dochterlief moeten laten reageren. Het enige dat ik weet is dat ik haar als ouder alleen maar kan laten voelen en ervaren dat we ban haar houden en dat we om haar heen staan. 

En voor mij persoonlijk  weet ik iig wel dat er nog altijd stukjes verleden zijn die ik moet aanpakken, iig de pijn die daarmee gemoeid gaan.

Voor nu heb ik de ducktape weer stevig aangeduwt en ga ik uiteraard op zoek naar een middel dat de wond compleet doet genezen. Gelukkig weet ik waar ik ga zoeken, want net als dochterlief ben ik ook niet alleen.

26. Ik ben een plakker (deel 2)

Als je het woord plakker opzoekt in het woordenboek krijg je heel simpel de omschrijving: Plakker – iemand die plakt. Haha nou ja thats me! In deel 1 heb ik uitvoerig mijn ouders beschreven, de personen die er voor gezorgd hebben dat ik een plakker ben. Jarenlang hebben ze me laten zien in gedrag en opvoeding hoe je een goede plakker behoort te zijn. Soms vond ik het irritant, maar de meeste tijd was ik er trots op. Een plakker zijn kan iets heel positiefs zijn maar heeft ook zeker mindere kanten. 

Manlief en ik hebben altijd de fijnste gesprekken als we in de auto zitten. Regelmatige overbruggen we in de auto de afstand tussen Noord Holland en Limburg / België en in de 2,5 uur die we gezamenlijk in die kleine ruimte zitten kunnen we continue zitten kletsen. We kunnen soms eindeloos over ons huwelijk praten, waar lopen we tegen aan, waar zijn we dankbaar voor, wat kunnen we beter doen, wat kunnen we juist beter laten enzovoorts. Ik ben dankbaar voor dit soort gesprekken, dankbaar dat het gewoon kan zonder dat we er een hele grote nadruk op leggen. In het begin van ons huwelijk was dat vaak wel anders. Open en eerlijk communiceren over het onderwerp huwelijk hebben we echt moeten leren.

Ik zal er voor nu niet te veel over uitweiden maar we hebben beide aan het begin van ons huwelijk wel meerdere malen op het punt gestaan om ons huwelijk te beeindigen. Maar thank God, dat we zo’n ontzettende plakkers zijn en niet hebben opgegeven. Want wat is het leven toch leuk met die man van mij.

Een plakker zijn heeft voor en nadelen. Mijn opvoeding was kort gezegd, je geeft je helemaal voor iets. En als het niet leuk is, werk je nog harder om het weer leuk te maken. Je blijft plakken waar je plakt. Haha.

Vroeger had ik dat niet zo, ik weet nog dat ik na de middelbare school een richting moest kiezen voor school. Ik wilde altijd alleen maar moeder worden, had geen idee wat nog meer dus ik besloot om de SPW te gaan doen, zodat ik kon doorstromen naar de PABO. Juf zijn leek mij de manier om zo dicht mogelijk bij mijn moeder worden verhaal te komen……ik had toen echt geen idee…….

Tijdens dat kwartaal spw kwam ik er achter dat dit totaal niks voor mij was. Ik voelde me totaal niet thuis op de opleiding en toen mijn oma overleed en mijn klasgenoten 0 begrip toonden en met opmerkingen kwamen waardoor ik weer alleen stond, heb ik mijn spullen gepakt en ben ik naar de conciërge gegaan en heb officieel ontslag genomen van de studie. Haha, als ik daar nu over nadenk denk ik wel eens, hoe durfde ik! Ik weet nog dat ik in de auto stapte bij mijn ouders en het nieuws tussen neus en lippen door vertelde. Die waren not amused natuurlijk. Maar ik had mijn plan. Ik zou gaan werken en in het nieuwe schooljaar aan een nieuwe opleiding beginnen.

Ik heb dit plan ook daadwerkelijk uitgevoerd, ben gaan werken bij een tuincentrum en na de zomervakantie aan een opleiding tot bloemist begonnen en hier ook mijn diploma voor gehaald. Maar toch denk ik er soms ook wel eens aan hoe stom ik ben geweest om niet te blijven plakken bij de spw. Maar goed. Dat was dus een van de weinige keren dat ik niet ben blijven plakken.

Ik vraag mij wel eens af of mijn ouders wel eens de behoefte hebben gehad om los te laten ipv te blijven. Beide ouders zitten al jaren bij hetzelfde bedrijf waar ze werken, ze kerken al hun hele leven in dezelfde kerk, hebben al jaren dezelfde vrienden en kleven helemaal aan het automerk Toyota. Nog nooit heb ik bij hen ontevredenheid gezien of gesprekken gehoord over andere banen of een andere kerk enz. Dat vind ik zo bijzonder! Ik vind het zo mooi en trouw.

Zelf merk ik dat ik dus ook diezelfde denk wijze heb. Hoe vervelend de situatie ook is, je zet je schouders eronder en zorgd ervoor dat het weer leuk wordt. Daardoor werk ik vanaf 2004 al bij dezelfde werkgever en zit ik sinds mijn emigreren bij de zelfde kerk. Ook in vriendschappen merk ik dat ik plak. Ik vind het moeilijk als vriendschappen anders lopen dan we willen, weet dat het erbij hoort, levens groeien in en uit elkaar.  Gaan verschillende kanten op en dat kan er soms verdrietigerwijs voor zorgen dat je uit elkaar groeit.

En de plakker in mij kan hier heel erg over malen, het moeilijk loslaten en hier nachten lang over piekeren. Daarnaast merk ik dat mijn plak laagje er wel wat dunner door wordt. Daardoor plak ik niet snel meer aan een ander. Maar dat is niet erg. De lijmlaag wordt vanzelf weer dikker.

Het nadeel van een plakker zijn is dat avontuur niet mijn allereerste keuze is. Ik heb nog maar een paar banen gehad, ga het liefste naar dezelfde vakantie plek en ben erg gehecht aan dezelfde structuurtjes en mensen om me heen.

Als ik bijvoorbeeld naar mijn werk kijk, ik werk er sinds 2004. Hoeveel collega’s ik al heb zien komen en gaan. Mensen komen enthousiast binnen en zodra het niet meer bevalt zoeken ze wat anders en gaan ze weer door naar een andere baan. Veelal met de opmerking: ik ben toe aan wat anders.

En zo is dat logischerwijs op veel meer gebieden. En soms wou ik dat ik de durf had om het ook te doen. Het loslaten. Gewoon kunnen zeggen: ik ben het zat, ik ga door, ik ben toe aan wat anders, het is tijd om eens verder te kijken.

Tijdens mijn angststoornis merkte ik dat het plakken niet meer gezond was, een plakker kun je op den duur wel losweken, soms laat de plakker vanzelf al los. Maar in een tijd waarin ik zo sterk behoefte had aan zekerheid en rust in mijn hoofd, lijmde ik me met hele sterke secondelijm vast aan heel veel domme dingen. Maar ik leer langzamerhand dat het goed is om soms even los te laten. Andere dingen te gaan ontdekken en even wat minder te plakken. Dat verder gaan niet erg is en gewoon ook heel veel kan opleveren.

Angststoornis vrij leven heeft me de afgelopen 2 jaar al zoveel vrijheid gegeven. En wat geniet ik daarvan! Al zit het plakken nou eenmaal wel in mijn DNA, dat hoef ik ook niet op te geven. Zolang het plakken geen lijmen wordt is het goed.

Ik ben dankbaar voor mijn plakgehalte, als klinkt het ook aan het einde van deze blog nog steeds als een heel smerig iets. 😂

25. Knopje indrukken kan niet

Ik wil het knopje van de uitlooplijn indrukken. Maar met pijn in mijn hart houd ik mijn vinger stil en accepteer ik dat de uitlooplijn steeds langer wordt.

Zaterdagmorgen, voor het eerst sinds weken hebben we een dag met zijn 3tjes vrij. Heerlijk! Weken geleden hebben we een groot kruis door de datum gezet en tegen elkaar verteld dat we alledrie niks mochten plannen op deze dag. Heerlijk even een dag niks moet alles mag.

09.30 uur liggen we nog heerlijk in bed. Allemaal wakker naar gewoon lekker chill. Gelukkig houden we hier alledrie van. Pfoei dat was wat geweest als dochterlief hier niet van hield. Wat een zegen dit! Maar goed ik dwaal af.

Dochterlief komt naar onze kamer toe. Mama? Heb je afbakbroodjes gehaald? Euh, nee, sorry, daar heb ik niet aangedacht. Dochterlief is verdrietig, want ze had er nog zo om gevraagd. Oeps! Punten aftrek voor Mama.

Voor de grap zeg ik: dan ga je het zelf maar halen, ik lig echt nog veel te lekker. Dochterlief is geen grote avonturier, denkt altijd 10 keer na voor ze iets doet en het op eigen benen staat gaat gelukkig een heel stuk langzamer als sommige vriendinnetjes van dochterlief, die gaan al zelf naar de bios, fietsen naar het eind van de wijk, fietsen alleen naar sporten enz. Dochterlief heeft daar nog geen behoefte aan, vind het erg gezellig als papa en of mama meegaan en ze houd zelf van de grenzen die we ooit eens gegeven hebben. Wij proberen het wel eens hoor. Opa en oma wonen dicht bij, we hebben al een paar keer gezegd dat ze best eens alleen naar opa en oma mag fietsen. Maar ze wilt niet, ze vind het te spannend. Wij laten het los, het komt vanzelf wel. De een is nou eenmaal sneller dan de ander.

Maar nu krijgt ze een flinke denkrimpel op haar hoofd. Je ziet haar de afweging maken in haar denken en tot onze verrassing zegt ze: mag dat? Mijn hart knijpt zich totaal bij elkaar maar toch zeg ik: ja tuurlijk! Oke! Zegt ze, dat durf ik wel.

Ze kleed zichzelf snel aan, pakt een tasje en wat contant geld, trekt haar jas aan en ik hoor daarop snel, tot straks pap en mam en bam daar valt de deur in het slot.

Het is ongeveer 10 minuutjes lopen naar de winkel en ze moet maar 1 hele drukke straat over. Van binnen vind ik het lastig. Natuurlijk weten we dat ze ons steeds vaker niet meer nodig zal hebben en dat is goed. Maar ik blijf ook gewoon een mama.

Haar uitlooplijntje wordt steeds langer tot ze op een moment gewoon los het leven door kan en ik zal moeten accepteren dat elke keer, als zij een stapje naar zelfstandigheid zet , mijn hart een beetje breekt.

Ik hoor manlief de deur opendoen en heel veel geratel in de gang en ik hoor ze samen giechelen. Dan een paar voetstappen op de trap. Ze komt de badkamer ingelopen, ze geeft me een dikke knuffel en zegt: Papa zei dat je je een beetje zorgen maakte, gekke mama. Maar het ging goed hoor mam! Waarop ik natuurlijk mee lach. De trots op haar gezicht is zo ongelooflijk mooi om te zien.

En ik weet nu, dat elke keer als mijn hart een beetje breekt van het loslaten, de opening zich weer zal vullen met trots. Ik heb het knopje op de uitlooplijn helemaal niet nodig!

24. Van Thalis naar intercity naar stoptrein met veel vertalingen.

Het is al lange tijd geleden dat ik wat geschreven heb. Er zit nog een deel 2 in de pen van mijn ik ben een plakker verhaal. Maar ik ga gelijk met de deur in huis vallen. Ik zat vast, en niet zo’n klein beetje ook.

Zoals ik in een eerder blog al vertelde heeft Corona me op 1ste kerstdag te pakken gekregen. Na 3 weken ziek thuis ging ik weer starten met het “gewone” leven. Ik probeerde te voldoen aan de vraag vanuit de maatschappij om alles weer op het tempo te doen die ik zelf ook altijd gewend was. Ik voelde aan alles dat het niet ging, dat mijn hele lijf stop riep terwijl ik alleen maar kon rennen.

Een trap oplopen kon alleen maar met veel gehijg, ik liep in een continue staat van benauwdheid en zingen ging echt voor geen meter en laat ik dat nou juist het liefst de hele dag door doen. Ik voelde aan alles dat het niet liep, ik ergens mezelf voor bij aan het rennen was maar ik kon niet echt aangeven waar het precies aan lag. Tot ik in maart de trap op gelopen was en niet eens een fatsoendelijk gesprek kon voeren omdat ik zo’n adem te kort had. Ik heb toen gelijk de huisarts opgebeld. Behoorlijk radeloos.

De assistent gaf, na het aanhoren van mijn struggles, gelijk aan dat ze dit vaker gehoord had bij mensen die thuis genezen waren voor corona. Ze zou een doorverwijzing regelen voor de fysiotherapeut. Mijn eerste gedachte die ik had na dit telefoontje was…huh, ik ben niet alleen?

Al vrij snel heb ik een afspraak kunnen regelen bij de fysio. Bij de intake werd me uitgelegd hoe corona er voor kon zorgen dat het zenuwstelsel totaal in de war was, waardoor je bepaalde dingen ineens anders ging doen of juist opnieuw moest aanleren. Ik moest een adem test doen en al snel bleek dat ik verkeerd ademde. Een gezond persoon van mijn leeftijd hoort gemiddeld 10x in 1 minuut te ademen, ik deed het 24x. Benauwdheid verklaard, ik liep continue in hyperventilatie stand. Verder bleek ik in kracht en uithoudingsvermogen ook laag te scoren. Niet zo verrassend dus dat mijn energie niveau zo laag was.

Vanaf het moment van de intake heb ik nu elke week fysio. Samen met mijn wekelijkse sport uurtje merk ik dat ik fysiek daadwerkelijk vooruit ga. Toch bleef ik merken dat ik geestelijk een warboel was. En het werd steeds erger, niet uit mijn woorden komen, vergeten wat ik wilde zeggen, rare acties uithalen zoals pindakaas in de koelkast en de yoghurt in de vaatwasser (kleine greep uit de belachelijke dingen die anders zo’n normale routine zijn) ik gaf het ook aan bij de fysio. Ze stuurde me door naar de ergo therapeut. De ergo kijkt met mij en naar mijn situatie en geeft tips en trucks om dingen op een andere manier aan te pakken waardoor ik energie over ga houden.

Na een tijd merkte ik dat het niet uitpakte zoals we het voor ogen hadden. Ik trok me terug. Manlief kent me als geen ander. Hij weet dat als me iets dwars zit, ik er over moet praten om het uit mijn hoofd te krijgen. Het was dan ook een alarm bel toen we beide merkten dat ik zo vast zat dat zelfs praten niet meer lukte. Ik zat, zoals een aantal om me heen zeiden, in de overlevings stand. Het lukte me emotioneel gewoon niet meer om bij mijn gevoel te komen. En wat is dat eng! Ik heb echt weken met een gevoel van een lege hopeloosheid en moedeloosheid rond gelopen. Niet wetende wat te doen. Niet wetende hoe ik de dag doormoest net energielevel -10. Niets boeide me echt meer en het enige wat ik nog zag was die vermoeidheid. Ik was zo intens moe, in mijn lijf, in mijn hoofd en in mijn hart. En mijn allergrootste masker bleef niet meer heel. Ik probeer ten alle tijden niets te laten merken, te blijven lachen en vooral niet iemand belasten met mijn struggles. Maar het ging niet meer.

Ik heb dit op een “zwak/sterk” moment voorzichtig bij de ergo aangegeven. Ik was te lang door gegaan op een voor mij onhaalbaar niveau. En dat kon alleen maar stoppen door heel rigoureus te zijn en alles te stoppen. En dat gaat alleen maar als ik eerlijk ben naar de mensen om me heen.

Man o man, wat is dat moeilijk. Want het geeft me aan alle kanten een gevoel van falen. Als echtgenoot, als moeder, als werknemer, als vriendin, als persoon. Op alle gebieden kan ik momenteel niet anders dan loslaten of aan een ander overdragen. Wat ben ik gezegend met de mensen om me heen, ik kan het niet anders zeggen. Zo begripvol, zo meedenkend, zo helpend. Ik vind het zo bijzonder om te zien in mijn zwakste zijn dat er zoveel mensen om me heen staan. Tuurlijk niet iedereen om me heen is zo begripvol, ik sta stil en niet iedereen begrijpt dit misschien. Maar het helpt me nou eenmaal wel om weer wat lucht te krijgen.

Het helpt me om weer de vrouw te zijn voor manlief die hij kent en waar hij gek op is. En bovenal helpt het me om weer de moeder te worden die smiddags energie heeft om met dochterlief samen dingen te doen. Ik doe alles op mijn tempo, en accepteer dat het soms gewoon even niet gaat. En stapje voor stapje gaat het beter. Het is niet meer donker, de nacht is voorbij. Langzaam zie ik alles weer wat lichter.

Vorige week was mijn lieve broertje bij me en we hadden het over mijn vast zitten. Hij zegt: zus, je hebt al heel lang niets geschreven. Misschien is dat wel de manier om het wat helderder in je hoofd te krijgen. En *zucht* kleine broertjes worden groot, hij heeft nog gelijk ook. Het voelt goed om eerlijk te vertellen wat er aan de hand is. Zoals het altijd voelt als ik een blog schrijf. Maar eng vind ik het wel. Het is wel heel erg open, wel een heel erg kijkje in mijn hart. Maar dat is goed. Thanks broertje voor de wake up. En ik wil gewoon iedereen even bedanken voor alle hulp, gebeden, gedachten.

Ik ben zo blij dat ik God ken! Hoe hopeloos het er voor mijn gevoel ook soms uit zag, ik heb me nooit alleen gevoeld. Ik zie de dingen waar ik dankbaar voor mag zijn. Ik zie de mensen die op mijn pad komen. En ben zo blij voor de zonnestralen die ik gelukkig weer steeds meer zie.

Van de week zag ik op teletekst een brandbrief ofzoiets van een groep mensen die thuis zitten na corona en meer onderzoek en begrip willen. Daarnaast zit ik via de fysio ook een forum site van het longfond, speciaal gericht op corona. Het is fijn om herkenbare verhalen te lezen, maar ook bizar dat het eigenlijk zo weinig bekend is.

Accepteren lijkt overal de grootste issue. Accepteren dat ik eerst de Thalis was, die door een defect geprobeerd heeft om als intercity te acteren maar eigenlijk een stoptrein met veel vertragingen bleek te zijn. Maar ik accepteer het, des te sneller genees ik en schrijf ik weer vrolijkere verhalen.

23. Ik ben een plakker: Deel 1 (paps en mams en ik)

Niet het allercharmanste om over jezelf te zeggen. Maar ik kan er niet meer omheen. En ik denk dat ik de schuld hiervan bij mijn ouders moet neerleggen. Oke dit heeft uitleg nodig denk ik. Want de schuld bij mijn ouders neerleggen klinkt natuurlijk niet heel vriendelijk, maar geloof me ik ben blij dat mijn ouders allebei 2 grote plakkers zijn.

Ik zal mijn ouders even introduceren. Wat op zich best een dingetje is aangezien ik zeker weet dat ze dit lezen.

Maar mijn ouders en ik hebben heel lang een verstandhouding gehad waarin we elkaar niet altijd even goed begrepen. Mijn puberteit was heftig. Door het vele pesten kon ik me maar op 1 plek compleet laten gaan als het om woede en boosheid ging. Dat was thuis, mijn paps en vooral mijn mams hebben dan ook bakken vol van mijn ellende over zich heen gekregen, helaas was ik communicatief niet heel sterk waardoor ik wel de boosheid uitte maar niet waardoor de boosheid kwam. Daarnaast hadden mijn ouders ook hun struggles van het keben. Waardoor we beide soms gewoon niet bij elkaar konden komen. Nu weet ik dat het van beide kanten uit wanhoop was en frustratie en onvermogen en onbegrip en te veel gevoelens en….en…en… door mijn gebrek aan communicatie zijn mijn ouders pas op latere leeftijd achter het structurele pesten, op school en in de buurt, gekomen. Dit verklaarde voor beide partijen een hoop en klaarde ook de lucht. Zij wisten niet van het pesten en ik wist niet dat zij het niet wisten.

Helaas waren we elkaar ergens toch verloren en bleef het zelfs na de middelbare school op zijn zachts gezegd soms knallen. Hierdoor besloot ik om in 2004 te solliciteren bij manlief, toen nog vriendlief, in de buurt. Ik werd aangenomen en ik mocht bij mijn tante in huis een zolder kamertje betrekken. Opluchting. Aan beide kanten. Paps en mams konden tot rust komen en ik kan onder tantes vleugels en met de gezelschap van mijn nicht(zus) toch zelfstandig worden en laten zien dat ik nog niet zover afgedwaald was als velen dachten.

In die tijd kon ook het herstel beginnen. Het herstel van de band met mijn paps en mams. Want nu we niet meer bij elkaar op de huid zaten zagen we elkaar mooie kanten. Mijn mams werd totaal onverwachts een vriendin. Ik kon en kan haar voor de onnozelste vragen opbellen. En ook al spreken we elkaar niet elke dag, ik weet gewoon dat het goed is. Ik heb mams zien bloeien door mijn afwezigheid. Dat is een pijnlijke vaststelling maar aan de andere kant is het mooi om te mogen weten dat ik nu mag en kan zien dat mijn mams een trouwe, liefdevolle moeder is, dat ze haar onzekerheden aanpakt en op een enkele vervelende bui na (hey, ik weet dat je meeleest 😉❤) is ze een geweldige vrouw.

Mijn vader is een stille, rustige man. Een type rots in de branding. Hij is altijd voor iedereen beschikbaar, klaagt nooit en is echte aanpakker. Vanaf het moment dat ik op eigen beentjes ben gaan staan is mijn paps de man die ik bel met vragen over zijn visie van Gods woord of andere levensvragen waar ik even geen antwoord op weet. Het is waarschijnlijk een grote cliché, maar mijn paps is mijn Held.

Ik ben zo dankbaar voor de band die ik nu met ze heb en daarnaast dankbaar voor de onzichtbare dingen die ze me meegegeven hebben. Sorry voor de lange inleiding, maar mijn paps en mams verdienen nou eenmaal tromgeroffel en confetti als het om hun intro gaat. 😊

Ik kom nu aan bij het plakken en zal dit in een volgend deel verder uitwijden. En paps en mams, ik zeg het veel te weinig, maar ik hou van jullie! ❤

22. Op de carrousel van gedachten

Wat een weken hebben we achter de rug. Niet alleen privé. Waar het gelukkig langzaam aan stapje voor stapje wat beter gaat. Het energie niveau komt heeeeeeeeeeel langzaam weer een beetje terug. Het “nieuwe normale leven” begint langzaam weer wat vorm te krijgen. (Eigenlijk betekent dit gewoon dat ik accepteer dat ik wat langzamer ben en wat vaker tukkies nodig heb om de dagen door te komen. En die acceptatie zorgt ervoor dat het weer wat gezelliger is in mijn hoofd)

Nee niet alleen privé, ook in de rest van Nederland rommelt het. De meeste van ons hebben met afschuw gekeken naar de beelden van de rellen in vele steden. En naast het gevoel van complete afschuw ervaarde ik ineens een ander gevoel: Angst!

Yep, ik heb hem weer ervaren. Mijn jarenlange grootste vriend en tevens grootste vijand was op bezoek, besloot de bank in te pikken en me een hele dag van grote onrust en verdriet te geven als kadootje. Ik voelde me radeloos, want naast de angst voelde ik me zo verslagen. Was ik weer terug bij af? Is de angststoornis gewoon op corona verlof gegaan en heeft het besloten om weer terug te komen? Ik kom de hele middag door in een carrousel van gedachten. Angst, verdriet, onrust, dapperheid, zelfverzekerdheid, onzekerheid, boosheid. Ze komen allemaal voorbij.

Na 1 hele dag in de strijd met mezelf bezig geweest te zijn spreek ik s’avonds een vriendin. Voorzichtig begin ik het gesprek. He vriendin, ik euh ervaar de hele mega veel onrust vanwege het nieuws. Haar reactie was even heerlijk ontnuchterend. “Welk nieuws”: zegt ze.

Oja er zijn ook mensen die het nieuws gewoon niet tot nauwelijks tot haar komen en even ben ik heel jaloers. Want als ik die drang naar op de hoogte blijven van het nieuws nou ook gewoon niet had, had ik dit moment nu gewoon niet.

Ik leg haar uit wat er gebeurd is en hoe ik me hier nu bij voel. Daarbij toegevend dat die angststoornis misschien dan toch niet weg is. Het enige dat ze zegt is: “lieverd, weet je hoeveel mensen in Nederland nu waarschijnlijk precies hetzelfde ervaren?” “Het is gewoon ook heel eng, dus rustig aan, je bent niet terug bij af!”

Wat een opluchting! Ik voelde direct dat 60% van de onrust oploste en ik voelde me een stuk lichter. Gek dat je het 10.000 leer tegen jezelf kan zeggen:” maak je niet druk, het is heel gewoon wat je voelt. ” en dat de bevestiging van vriendin dat ineens wel laat doordringen. Ergens durf ik nog niet te vertrouwen op mijn eigen oordeel

Ik weet dat angst ook een middel is om ons te waarschuwen voor gevaar. Het is dus zaak om angst te ervaren. Op een gezonde manier. Het is aan mij dus nu zaak om te leren wat gewone “veilige” angst is en wat de claimende angst is.

Zo blijven we dus gewoon in een proces. Dat is niet erg, maar soms is het confronterend om er achter gekomen dat door de jaren lange angsten mijn gedachtes soms heel vreemd reageren. En daar kom ik nu pas achter, nu de angst zelf er niet meer is. We gaan gewoon door op de weg die we ingeslagen zijn

Liefs

21. En toen ontmoeten we elkaar

De dag waarvan je hoopte dat die niet zou komen. Een jaar lang heb ik er vanalles aan gedaan om zoveel als mogelijk te vermijden dat wij elkaar zouden tegen komen. Maar helaas je wist me te vinden.

Afgelopen jaar was net als voor zovelen een behoorlijk enerverend jaar. Veel thuis, handen wassen, desinfecteren, niet knuffelen, afstand houden, mondkapjes, ga zo maar door. Best pittig af en toe, want is het niet knuffelen echt wel zo veilig of doet het juist meer kwaad dan goed. Hoeveel mensen hebben behoefte aan huidcontact, missen de knuffels, schouderklopjes of armen om hen heen en zijn vereenzaamd tot op het bot door de maatregelen. Ik heb veel getwijfeld, heb mezelf veel afgevraagd en vind over sommige dingen wel het mijne. Maar! Ik hield me er aan. Want ondanks wat ik zelf dacht, was er ook een soort verantwoordelijkheidsgevoel naar de ander.

Des te bozer was ik dan ook op het virus toen ik de 1ste kerstdag wakker werd met een rauwe keel. Na een nacht vol kou en heel veel dekentjes besefte ik me dat ik me niet zo heel goed voelde. In de loop van de ochtend heb ik een snel test laten doen. Zo eentje waar je even voor in je portemonnee mag duiken, maar waarbij je wel binnen 20 minuutjes de uitslag heb.

Bij de test zijn 2 aardige vrouwen die me uitleggen dat ik binnen 20 minuten hoor of ik positief ben, ik mag naar huis gaan en wordt gebeld. Hoor ik binnen de 20 minuten niets dan is de test negatief en krijg ik de uitslag in de mail. Met weer een extra gat in mijn hersen brei rijker (want men, wat gaan ze diep met dat stokje) reden we naar huis… een ritje van 5 minuten en ik stap de auto uit. Op dat moment gaat de telefoon en verschijnt er een onbekend nummer in beeld. Ik neem op en de mevrouw aan de andere kant legt uit dat ik net een test heb gedaan en dat deze helaas positief is.

En dat op 1ste kerstdag. Iedereen die mij een beetje kent weet dat kerst de tijd van het jaar is waarbij ik me het beste voel. Ik kan zo ontzettend genieten van de kerkdiensten, de lichtjes, de sfeer, de gezelligheid. Ik hou van kerst en kan mezelf wel beschrijven als kerstgek. En deze kerstgek moet nu dus in quarantaine. Ik ben nog met de mevrouw aan de andere kant aan het praten, maar voel wel langzaam de grond onder mijn voeten verdwijnen.

Want het eerste gevoel dat mij overvalt is de: ohnee, met wie ben ik allemaal in aanraking geweest, gedachte. Ik hang het telefoontje op en mijn eerste reactie is keihard huilen. Even voel ik me zo leeg en verdrietig. Onze kerst is verpest, ik moet een lijstje gaan maken met mensen die ik gezien heb, hun kerst is dus ook verpest en dankzij mij zit ons hele gezin de komende dagen binnen.  Een schuldgevoel die zo verpletterend is dat ik de neiging heb om door mijn benen te zakken en keihard op de grond te gaan zitten huilen, overvalt me. Manlief is geweldig, hij helpt me, troost me, vangt ondertussen een verdrietige dochter op en zorgt voor de eerste contacten met de schoonfamilie dat kerst voor ons dit jaar echt van de baan is en dat de overheerlijke kerstgerechtjes die we voor elkaar zouden maken aan onze neus voorbij gaan.

Ik heb mijn lijstje af en begin met de mensen die op dat lijstje staan te bellen. Gelukkig is het lijstje niet lang maar het verantwoordelijkheids gevoel drukt wel echt op mijn schouders. En iedereen is zo ontzettend lief. Na de telefoontjes met de nodige bemoedigingen ben ik bekomen van de eerste schok. En belanden we in de praktische modus. Want als we de koelkast opentrekken zien we een deel van een heerlijk kerstdiner voor een aantal personen. We pakken een overgroot deel van de overheerlijke carpaccio in een tasje die manlief vervolgens bij schoonpap en schoonmam voor de deur neerzet. Ook zij hadden al een gerecht voorbereid die op de deur mat neergezet was en  wat we weer mee terug kregen. Gelukkig zouden we het met de rest van de boodschappen wel redden tot maandag.

De rest van de 1ste kerstdag hangen we wat op de bank, proberen we met een leuke kerstfilm, wat chocolaatjes en wat lekkers te drinken er toch wat van te maken. Ik voel me op zich oke, afgezien van de keelpijn en het snotterige. s’Avonds flanst manlief een aantal heerlijke gerechten op tafel. We beginnen de avond met wat lekkere spareribs, waarbij ik nog benoem dat ik ze erg lekker vind maar een tikkeltje scherp. 2 uur later bij het laatste gerechtje proef ik helemaal niks meer. Ik voel de structuur van zoete aardappel met feta kaas en zoute spek. Ik voel door een vreemd tintelend gevoel op mijn tong dat de spek zout is maar proef helemaal niks meer. Ik voel me met het uur beroerder worden en eindig de dag met het gevoel alsof ik een vrachtwagen vooruit heb lopen duwen.

De dag erna is het griepje dat ik voelde wel echt omgeslagen. Nog nooit heb ik me zo beroerd en vermoeid gevoeld. Als ik de trap op loop moet ik hier een half uur van bijkomen. Ik ben benauwd en heb echt 0 energie. Beangstigend vind ik het dat ik in 1 dag tijd me zo verouderd voel. Het feit dat dochterlief ook de nodige aandacht en energie wil en heeft maakt het met tijd en wijlen best pittig. Gelukkig is manlief de rots in de branding en houdt hij het gezin en het huishouding goed draaiende.

Totdat manlief in die week ineens wakker wordt met pijn aan zijn keel en wat snotterig is. Ook hij laat maar een test doen en ook hij blijkt (niet verrassend natuurlijk) positief te zijn. Toen voelde ik me wel even heel machteloos. Je kunt allebei nog zo beroerd zijn, je hebt wel een lief, gevoelig, energievol, veel nadenkend, totaal van de kaart zijnde, dapper 7 jarig meisje rondlopen waar de alle zorg gewoon voor doorging. Gelukkig is het achteraf meegevallen, want manlief fietste de quarantaine dagen door met een verkoudheid. Daarnaast zijn er zo ontzettend veel mensen die aan ons denken, boodschappen voor ons doen, ons voorzien van oliebollen en appelflappen, iets lekkers aan de deur af komen geven enz. We zijn zo gezegend met zo veel lieverds om ons heen.

Nu zijn we 3 weken verder. Ik heb me echt een dikke 2 weken lang onbehagelijk slecht gevoeld. Alsof alle levenslust uit me weg gezogen was. Dat klinkt misschien heel dramatisch maar dit is echt hoe ik het ervaarde. Totaal geen energie. Niks willen, niks kunnen en nergens zin in hebben, daarbij ook nog de lichamelijke dingetjes. Corona is een vies virusje dat kan ik wel zeggen. Van hoofd tot tenen, alles was van zijn padje af. Eindelijk mag ik donderdag weer werken, want ik ben 24 uur klachten vrij….. nou ja klachten vrij? ze bedoelen dus met klachten vrij het besmettelijke gedeelte. want de nasleep op dit moment is erg heftig, ik sta 10-0 achter in mijn energie en moet alles zo goed plannen en verdelen, zodat ik aan het einde van de dag ook gewoon nog een klein beetje leef.

Afgelopen week ben ik voor het eerst een kleine boodschap gaan doen. Na een quarantaine van bijna 3 weken waarop ik eigenlijk bijna alleen manlief en dochterlief om me heen heb gehad en soms een kort gesprekje aan de voordeur. En terwijl ik mijn schoenen aandoe voel ik een onbekende angst. Ik vind het zo ontzettend eng om naar buiten te gaan, om me onder de mensen te begeven, om totaal onbedoeld mensen te besmetten. Ik heb de neiging om manlief maar weer naar de winkel te sturen en veilig in mijn bubbel te blijven. Want het vertrouwen in mijn lichaam is redelijk onderuit geslagen. Ik ben naar de supermarkt gegaan. Voelde me onwennig, alsof ik een groot bord boven mijn had waarop stond dat ik corona gehad had. Of heb ik het nog….. ik twijfelde zo ontzettend, voelde me ontzettend onzeker. Want het ergste gevoel naast de lichamelijke klachten vond ik de druk op mijn schouders, het verantwoordelijkheidsgevoel dat ik iemand besmet had.

Maar nu mag en moet ik me toch weer onder de mensen begeven. Mijn “gewone” leven oppakken na 3 weken totalen stilstand. En dan lig ik op de bank te scrollen door de krant en op Facebook. De ene zogenaamde viroloog na de andere (want Nederland telt er nu zoveel) o. schrijft zijn of haar frustraties op. Van anti mondkapjes tot zeuren over het kabinet. Het is allemaal zo makkelijk van achter een beeldschermpje. Ik heb dat eerlijk gezegd nooit zo begrepen, zelf ook nooit gedaan en nu ik in deze ongemakkelijke situatie zit irriteer ik me er ook gewoon aan. Het is allemaal zo makkelijk. Ik snap dat mensen corona als een griepje zien, snap ik totaal, er zijn nou eenmaal veel mensen die het corona virus op manlief zijn manier doorstaan. Maar…. op het moment dat je zegt, het is niet meer dan een griepje, zet je heel veel mensen die wel degelijk flinke klachten hebben zo aan de kant als aanstellers. Daarnaast vraag ik me af wat het voor zin heeft om het onder een kranten bericht te spuien… alsof iemand die de keuzes maakt dat leest. Totaal verspilde energie!

Ik wil afsluiten met een gedachte die mij elke keer weer scherp houdt als twijfel en onzekerheid en opstandigheid de overhand nemen. In de eerste lockdown heeft mijn tante op de corona afdeling gewerkt (ik weet niet zo goed of ze dat nu weer doet) soms lees ik berichtjes van de zorgmedewerkers die net als mijn tante dag in en dag uit met hart en ziel iedereen opvangen en verzorgen. Ze hebben er niks aan als we onder berichten schrijven dat het allemaal de schuld is van het kabinet omdat ze bezuinigd hebben, de zorg roeit met de riemen die ze hebben. Ze hebben er niets aan als we berichten schrijven over de maatregelen en de onzin ervan. Ze vangen je op of je dat mondkapje nou gedragen hebt of niet. Ze hebben er niets aan als we schrijven dat alles 1 groot complot is, voor hun is het een real story en volgens mij is het voor hen niet interessant of het virus een complot is of niet! Voor hen doe ik het, niet voor het kabinet met voor de zorgkanjers! Voor hen hou ik me aan de maatregelen, zodat ook zij weer vrije dagen kunnen pakken, kunnen ontspannen en even niet alles hoeven te geven!

Naast mijn tante heb ik een mama en nog meer tantes en een oom die in de zorg werken. En ik kan alleen maar sluiten met een diepe buiging die ik voor ze maak en zeggen dat ik zo trots op ze ben en dat ik voor ze bid! Want jullie zitten echt dagelijks in mijn gedachten!

20. Een blokje verleden

Het is woensdagmiddag, ik loop met dochterlief over het schoolplein naar de dansles. 2 jongetjes zijn met een bal aan het schieten tegen het plafond van de overkapping van de school. Ik laat dochterlief achter bij de dansles en loop langs de jongens. Ik hoor hoe 1 van de 2 een flinke schop tegen de bal geeft en ik krimp in elkaar. De volgende paar momenten bestaan uit in elkaar krimpen bij elk moment dat de bal tegen het plafond aangeschoten wordt.

Mijn hoofd wordt opgeruimd. Ik zie patronen die ik eerder niet zag. Tegen een vriendin verklaar ik het als een opruiming in de tuin. De boom van angst is nu gesnoeid dus het wordt tijd om te kijken wat er onder het bladerdek op de grond ligt.

Ik ben een jaar of 10 als ik merk op school dat ik steeds vaker het pispaaltje ben. Door mijn overgevoeligheid huil ik snel. Nu heet dat hoog sensitief. Toen was je gewoon een aansteller en een makkelijk doelwit voor andere kinderen. Ik stond steeds vaker buiten de groep, werd vaak uitgelachen en soms ook gewoon genegeerd. Gelukkig had ik op school altijd mijn beste vriendinnetje bij me. Hierdoor heb ik bassisschool ondanks het gehoon en gelach als leuk ervaren. Misschien kom ik in een ander blog wel eens op terug.

Helaas wist de buurt me op een gegeven moment ook te vinden. Veelal grotere stoerdere jongens, die als we alleen “speelden” aardig waren, maar op het moment dat de jongen samen waren mij veranderden in een super makkelijk doelwit. Maar dan heel letterlijk.

Het spelletje blikjetrap was standaard op mij gericht. Voor wie het niet spelletje niet kent. Je speelt voetbal, met wat er maar voor handen ligt, van een plat getrapt blikje tot aan een grote tak of steen. Als iemand datgene waar je het spel mee speelde door je benen schoot mocht hij of zij je schoppen tot je de lantaarnpaal aanraakte.

Als ik er nu over nadenk klinkt het te zot voor woorden. Maar goed. Het spel werd dagelijks gespeeld. En ik was standaard het doelwit. Zelfs als ik niet met het spel meedeed en gewoon met iemand stond te kletsen, probeerden ze met alle macht mijn benen uit elkaar te duwen zodat iemand anders het voorwerp er door heen kon trappen. En dan was het juichen en schoppen tot ik me eindelijk los kon rukken en naar huis kon rennen.

Was er een bal in de buurt dan werd ik de doelpaal. Zelfs als ik niet in de buurt stond werd de sport nog groter. Man o man, wat heb ik die bal vaak in mijn gezicht gehad.

Als ik terug kijk naar die tijd blijf ik het raar vinden van mezelf dat ik telkens weer bij die groep ging staan. Maar ook weer niet, ze hadden namelijk zoals ik al eerder schreef ook hun leuke en aardige momenten. Zolang ze maar niet bij elkaar waren. Mijn hang naar die leuke momenten was zo groot dat ik het schoppen telkens weer voor lief nam. Ik dacht ook een beetje dat het er bij hoorde.

Maar nu weet ik wel beter, het hoorde er echt niet bij. Ik hoorde er niet bij.

En als ik nu langs een groepje kinderen loop waar een bal bij in het spel is, krimp ik in elkaar. Dat is het resultaat, jaren later. Grappig dat ik het nu ineens zie.

Het is een week later en ik breng dochterlief weer naar dansles. Grappig genoeg zijn de 2 jongens weer met de bal aan het klooien. En ik recht mijn rug. Ik ben 36, de pijn die onder de bladeren vandaan kwam, het inzicht wat het me gaf, zorgt ervoor dat ik mijn rug recht, langzamer ga lopen en mezelf het gevoel inprent dat dat geluid van de bal, dit keer niet op mij gericht is maar op het plafond van de school. En als de bal toevallig naar me toe stuitert, geef ik de bal een vrolijke schop terug naar de jongens en hoor ik een vrolijke: “wouw, goeie trap! Bedankt mevrouw”!